Euclidische vakdidactiek (9): toetsing

Fokke & Sukke
Fokke & Sukke

Toetsen, in welke vorm dan ook, horen bij elk onderwijsleerproces, ze zijn onlosmakelijk daarmee verbonden. Je kunt niet zeggen: toetsing, daar doe ik maar niet aan, net als je niet kunt zeggen: laat die verwerkingsopgaven maar weg. Je wilt, als leerling, docent, samenleving, namelijk altijd weten hoe succesvol dat onderwijsleerproces (vergeef me het dure woord) is verlopen.

Toetsen kunnen zowel formatief als summatief zijn.

Minuscuul deel centraal

In Nederland wordt een minuscuul deel van de toetsen in het vo verplicht en centraal afgenomen, in de vorm van een Centraal Examen. In alle daaraan voorafgaande vier (vmbo) tot zes jaren (vwo) is er helemaal niets centraal geregeld. Dat Centraal Examen (CE) is overigens niet eens het volledige eindexamen, het Schoolexamen is daar het tweede, gelijkwaardige, onderdeel van.

Over alle toetsen, behalve dat CE, hebben docenten en scholen volledige zeggenschap, over aantal, vorm en organisatie. En ook deels over de inhoud, zij het dan dat de eindtermen van het onderwijs wettelijk vast zijn gesteld.

Clichés

Ik heb dan ook nooit wat begrepen van termen als toetsterreur, teaching to the test, toetsbatterij, die om de haverklap, als ware clichés, opduiken in tweets en stukken over het onderwerp Toetsing in Nederland. Let op: ik beperk mij hier tot het vo, over andere schooltypes doe ik geen uitspraken. Toetsing is hier zo weinig van bovenaf (‘Den Haag’, vroeger ‘Zoetermeer’) geregisseerd dat er meer dan voldoende ruimte is voor eigen keuzes. Als er te veel getoetst wordt naar uw zin, dan moet u bij uw eigen schoolleiding zijn, niet bij de minister of in ‘Arnhem’.

Andere toetsvormen

Sinds de invoering van Tweede Fase zijn er ook nog eens allerlei andere toetsvormen mogelijk dan schriftelijke toetsen. Denk aan zaken als profielwerkstukken, praktijkopdrachten. Maar er is, binnen de kaders van de wet, nog wel meer mogelijk. Alle ruimte dus voor eigen initiatieven.

Werkdruk?

Waar ik wel wat begrip voor op kan brengen zijn de klachten over de te grote werkdruk die docenten momenteel ervaren, ook al weet ik niet helemaal zeker of deze terecht zijn. Maar die druk heeft in ieder geval weinig te maken met dat Centraal Examen (wel piekdruk?) of met toetsen in het algemeen. Er zijn immers zo veel of zo weinig toetsen als een docent of school dat wil.

Lekker gerelaxed nakijken

Het is al weer een tijdje geleden (2010) dat ik zelf voor een volle klas met puberende kinderen stond, maar aan vorm en organisatie van dat Centraal Examen (toen CSE genoemd, met de S van schriftelijk) is sindsdien niet zo heel veel veranderd. Ik herinner me die examentijd vooral als een (relatief) relaxte tijd: een flink deel van de lessen gaf ik niet meer (ook geen voorbereiding en nakijkwerk) en ik kon rustig thuis, met de ramen wijd open, lekker eindexamens gaan nakijken, leuk klusje. Kopje koffie erbij, nog geen zorgen voor het komende schooljaar, dat was nog veel te ver weg. Tweede correctie vond ik nooit leuk, maar je kunt van je beroep natuurlijk niet verwachten dat dit je het Totale Geluk op Aarde zal brengen. Ik heb er, na een botsing met een tweede corrector in mijn begintijd, veel van geleerd en ben nog objectiever gaan nakijken.

Dat die werkdruk is toegenomen (in ieder geval volgens docenten) moet met andere zaken te maken hebben, niet met toetsing.

We kunnen ons dus gaan richten op een interessantere vraag: hoe toets je Begrip en Inzicht? Want daar zou het volgens mij om moeten draaien in het onderwijs: zie de eerste delen van deze reeks. Hierover een volgende keer meer.

Zo’n 1 EUR van elke EUR 1,85 aan de pomp gaat naar de staat

Get Adobe Flash Player
Als het niet mogelijk is Flash te installeren kunt u de video bekijken via deze link.

Als overtuigd OV-er (@ROVER_online) en fietsenthousiasteling (@fietsersbond), kan ik niet heel erg zitten met de accijns en BTW die u over iedere liter benzine in uw tank betaalt, zo’n 60% van de aankoopprijs.

Maar in het programma @DeRekenkamer werd flink gerekend aan onze (=uw) liter benzine. Prachtige inhoud voor de rekentoets, inclusief percentages, volumeberekeningen (opslagtanks), omrekenen van eenheden, … . Warm aanbevolen!

Tweinbreker 7, nu met oplossing

melon1Twee watermeloenen worden op de markt verkocht. De ene heeft een omtrek van 60 cm, de andere van 50 cm. De eerste is anderhalf keer zo duur als de tweede. Welk van de twee kan ik het beste kopen?

 

 

 

 

Tweinbrekers zijn geschikt voor mensen met (minimaal) drie á vier jaar wiskundeonderwijs (onderbouw VO) achter de rug.


Oplossing

Ik raak al in de vakantiestemming, vandaar dat nu slechts een korte uitleg volgt.

Vanaf komende week geen berichten meer, vanaf 1 september publiceer ik weer. Tweinbrekers en de rubriek Uit welk land komt dit wiskundeboek? zullen vanaf dan vermoedelijk in het Engels zijn, met het oog op internationale belangstelling.

Verhouding van diameters is 60 : 50. De verhouding in volume is dan (60/50)³, ongeveer 1,73. Vergelijk nu de prijzen, dan zal duidelijk zijn dat de grootste (dus keuze A) het best gekocht kan worden.

Ochtendgymnastiek: en in, en uit, en in …

uni01_z_8sc

Dit is een Octahemioctahedron.

Als een zijde a is, wat is dan het volume van het lichaam bij volledige inademing en wat bij volledige uitademing?

Met dank aan de internationale wiskundegemeenschap op Google +.

Een nagekomen bericht dat bij de kop van blogbericht vandaag aansluit vond ik in TimesNews.

Oplossing

Hier