Bouwstenen. Maar waarvoor? En wanneer wordt het gebouw nu opgeleverd?

Brief van Staatssecretaris Dekker aan de Tweede Kamer, nog vlak voor het reces ingebracht. Veel lege woorden, weinig wol, lijkt mij. Opgesteld omdat de Tweede Kamer zo bedelde. Geen woord over de rekentoets.

Iets meer vindt u hier.

Ik ga maar gauw van het weekend genieten!

Vervolgproces_curriculumherziening_primair_en_voortgezet_onderwijs

Ja, het kan nu: 3D-figuren in chocolade

Figuur 5: de positieve mal van styrenefoam (links) en de negatieve mal van siliconenrubber (rechts)

In de tijd dat ik Choco-pi ontwikkelde (2008/2009) begon 3D-printen net aan haar opmars. Maar, zoals dat wel vaker met nieuwe technieken gaat, de beloftes werden toen nog niet helemaal waargemaakt.

De mallen voor Choco-pi werden dan ook niet met een 3D-printer gemaakt, al kwam er wel een computer aan te pas.

Chocoladeprinter

Maar recent is er een heel aardige 3D-printer speciaal voor chocolade op de markt gekomen. Chocolade is het materiaal waarmee je print, niet een of andere plastic. Ik vind het apparaat nog te duur en ook te langzaam, maar dit is echt weer een stap vooruit.

Geen loshangende draadjes enzo

Ik vind de vormgeving sympathiek: deze 3D-printer lijkt bijna een modern koffiezetapparaat, loshangende draadjes en schakelingen zijn netjes weggewerkt.

En met zo’n printer kun je natuurlijk, naast wiskundige symbolen, ook prima meetkundige 3D-figuren maken.

Wie neemt er het stokje van mij over?

 

 

 

 

 

 

 

 

Ja, printen kan ook met suiker.

Kinderen Sylvia Witteman hebben rekentoets helemaal niet nodig

‘Maak je geen zorgen, mam. Kijk, voor economie sta ik een 5.3, dus als ik daarvoor in de proefwerkweek een 6.1 haal, sta ik een 5.5, dus dat is safe. (…) Wat valt daar nou niet aan te snappen? Ik sta voor Frans een 6.1, dus daarvoor mag ik zelfs een 3.7 halen, dan sta ik nóg voldoende. En die 5.2 voor Engels kan ik makkelijk ophalen tot een 5.5, dus dan sta ik een 6. Dan mag ik voor wiskunde óók een 5 staan, en zelfs eventueel nog voor scheikunde, want ik sta voor Duits een 6.3 en als ik dat ophaal tot een 6.5 sta ik voor Duits dus een 7! Dan heb ik dus compensatie voor die 5 voor scheikunde, dus waar maak je je druk over?’

‘O…’, zeg ik dan.

En na heel diep nadenken: ‘Maar als je voor Engels nou die 5.5 níét haalt?’.

Hij trekt een gezicht als een timeshareverkoper en betoogt: ‘Dan is er nóg niks aan de hand. Want voor Nederlands sta ik sowieso een 5.8 en dat laatste proefwerk is heel makkelijk, zegt iedereen, dus daar haal ik dan een 7.4 voor en dan sta ik voor Nederlands een 6.5 dus dat is dan ook afgerond een 7 en dan heb ik compensatie voor Engels. Maar dat is dus waarschijnlijk niet eens nodig!’

Aldus columnist Sylvia Witteman vanmorgen in de Volkskrant. Hier vindt u het hele stuk.

De rest van Nederland heeft deze toets wel degelijk nodig.

Almere doet het op zijn Almerens; nu met aanvullingen

Wat Faro (Portugal) kan, dat kunnen wij ook, zeiden ze vast tegen elkaar in Almere.

Met dank aan Mark de Boer.

Faro

Maar ja, het gaat dan wel op zijn Almerens. Vergelijk maar eens met de Portugese manier: zelfs inclusief het benaderingsteken. En met een komma in plaats van een punt als scheidingsteken!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Afsluitdijk

Zou er ooit nog iets gebeuren met mijn eigen idee: een energiezuinig lichtpad (á la Daan Roosegaarde) met die decimalen van π langs de hele Afsluitdijk? Als hommage aan de Nederlandse ingenieurs uit heden en verleden en een garantie voor (inter)nationale belangstelling, zeker vanuit de lucht!

Enschede

Enschede deed ook zijn best (met dank aan Erik Korthof). Extraatje: decimalen horen bij een brug die de middellijn vormt van een cirkel/vijver.

Wiskundige Denkactiviteit 1; nu met oplossing

Wat is groter: 1000^1001 of 1001^1000?

Tip: kennis van het getal e helpt.

Oplossing

Dit probleem zwerft al geruime tijd op internet rond. Hier is een mogelijke oplossing (gebruikmakend van een eigenschap van het getal e).

Bron

Maar er zijn er meer! K.P. Hart heeft zelfs zes oplossingen gevonden (als het er in de tussentijd niet meer zijn geworden …) en uit zijn opsomming blijkt dat je dezelfde opgave op verschillende niveaus kunt oplossen.

Alleen over zijn eerste oplossing ben ik zelf wat minder tevreden: met inschakeling van een rekenmachine. Je hebt daarbij wel kennis van het begrip logaritme nodig, dus die methode is toch niets voor brugpiepers.

machten