Dyscalculie bestaat (vermoedelijk) niet

Er bestaat in de moderne samenleving een tendens om problemen die kinderen in het onderwijs hebben te medicaliseren, er een stoornis of ziekte van te maken. Een stoornis: je hebt het of je hebt het niet. En áls je het hebt, dan valt daar helemaal niets aan te doen. De naam van zo’n ‘ziekte’ begint meestal met dys.

Dyscalculie is zo’n ‘ziekte’. Ik weet er niet voldoende van af om hier gefundeerde uitspraken over te doen, maar drie ter zake kundige hoogleraren deden dat vanmorgen in het AD wel: dyscalculie bestaat vermoedelijk niet! Zij gaan nog een stapje verder: dyscalculie wordt veroorzaakt door slecht onderwijs.

Voor dyscalculie, ofwel rekenblindheid, geldt hetzelfde. Bosman constateert dat het ontbreekt aan basisvaardigheden: optellen, vermenigvuldigen, de tafels. 

Tijdens een intensieve rekentraining van zes weken gingen vijftig leerlingen die aan een onderzoek van Bosman meededen gemiddeld met anderhalf jaar in niveau vooruit. “Vrijwel alle leerlingen zijn in staat om deze basisvaardigheden te verwerven.”

Die eerste stap wil ik wel met hen maken, die tweede vind ik voorlopig wat moeilijker, al was het alleen maar omdat er in deze ook een verantwoordelijkheid bij de ouders ligt. Ik houd het, for the time being, op iets wat ik zelf ook wel in internetdiscussie heb betoogd: er zijn nu eenmaal leerlingen die veel moeite hebben met bepaalde vakken, zoals rekenen. Maar dat vak kan net zo goed Frans zijn, of gymnastiek. Dat heeft dan vooral met (gebrek aan) aanleg voor het betreffende vak te maken. Heeft u al last van dysgymnastiek ;-) ?

Maar dat betekent niet, dat deze leerlingen dat vak helemaal niet zouden kunnen leren, dat dat per definitie onmogelijk is. Het is geen aangeboren afwijking, een heuse wiskundeknobbel bestaat ook niet. Het betekent wél, dat deze leerlingen en hun leraren er meer tijd in moeten stoppen dan anderen, soms zelfs ontmoedigend veel. Maar dat is een normaal, statistisch, gegeven.

Ik hoop dat door deze interventie van de hoogleraren de discussie weer zal worden aangezwengeld en dat deze uiteindelijk zal leiden tot een definitieve uitkomst. Of deze dan voor iedereen bevredigend zal zijn blijft de vraag …

Als u behoefte voelt om te reageren, doe dat vooral, met Reply hieronder.

 

6 thoughts on “Dyscalculie bestaat (vermoedelijk) niet”

  1. Als natuurkundedocent word ik regelmatig geconfronteerd met leerlingen die het volgens henzelf door gebrek aan talent of aanleg ‘nóóit zullen kunnen leren’. Ik bestrijd dat altijd met het argument dat er ook veel mensen zonder talent voor autorijden uiteindelijk toch hun rijbewijs halen. Gewoon veel oefenen en inslijten. Ik besef natuurlijk wel dat dit (te) lang kan duren en dat er altijd een aantal mensen overblijft dat het uiteindelijk niet redt of een gevaar op de weg oplevert.

  2. Als dyscalculie niet bestaat, kan slecht onderwijs niet de oorzaak zijn van dyscalculie. Goed onderwijs is wellicht de oorzaak van de onmogelijkheid dyscalculie bij een leerling vast te stellen.

    1. Logisch klopt die eerste zin natuurlijk, Dick. De tweede zin is wat te cryptisch/ingewikkeld voor mij.

      Gooi het bijvoorbeeld eens in de groep https://www.facebook.com/isafaye.burger/posts/1078589495620532, waar men heilig in het bestaan van dyscalculie gelooft. Je wordt vermoedelijk direct neergesabeld. Het lijkt daar niet om argumenten te gaan, het lijkt een geloof.

      In iedere geval goed dat die drie hoogleraren de discussie weer aanzwengelen. Zelf stel ik me hierin terughoudend op: ik weet hier gewoon te weinig van.

Uw reactie