Gini-coëfficiënt in de herhaling; nivellering via zorgpremie

Van de week plaatste ik hier een blogbericht over een artikel van Peter de Waard in de Volkskrant over nivellering. Dit onderwerp staat nog steeds in de belangstelling sinds het oproer is gaan kraaien over de voorstellen in het regeerakkoord voor een inkomensafhankelijke zorgpremie.

De Waard wees mij op het bestaan van de Gini-coëfficiënt, een getal waar ik zelf nog nooit van gehoord had, om verschillen tussen grootheden in één getal uit te drukken: verschillen in inkomen, verschillen in bezit, enzovoorts. De wiskundige in mij veerde op.

Maar helaas, ook getalsmatige feiten vertellen maar een deel van het verhaal. Een Gini-coëfficiënt berekenen, bijvoorbeeld voor de verdeling van inkomens of vermogens in Nederland, is een – waardevrije – berekeningsmethode. Er komt een mooi, exact, getal uit. So far, so good. Maar bij elk getal hoort een interpretatie, de wiskunde dient in een context geplaatst en daar beginnen de moeilijkheden.

Vandaar dat ik blij was met dit artikel op het weblog Sargosso. Wiskunde is mooi, noodzakelijk, maar de uitkomsten van wiskundige berekeningen zijn relatief. Elk als de ultieme waarheid gepresenteerd getal dient met het nodige wantrouwen te worden bekeken. Daar schuilt wat mij betreft tegelijk ook de kracht van wiskunde in. Het zijn niet zo zeer de getallen zélf die het hem doen, een ingebouwd wantrouwen  – mits gebaseerd op feiten – zou deel uit moeten maken van het kritisch instrumentarium van burgers.

 

Uw reactie